|
||||||||||||||
|
Monitoring |
|
||||||||||||
Bij monitoring van archeologische vindplaatsen gaat het om de registratie en kwantificatie van hun eventuele aantasting, door op vaste tijdstippen en op vaste locaties in het veld metingen te verrichten. Beheer en behoud Van belang bij monitoring is het vaststellen van de nul-situatie: het moment direct voor of na het moment waarop een bepaalde bodemingreep plaatsvindt. Hiervoor wordt in eerste instantie de kwaliteit van de aanwezige, representatieve archeologische waarden bepaald. Door vervolgens regelmatig metingen te doen van bijvoorbeeld de hoogteligging, grondwaterstand (oxidatiediepten, relatie tot neerslaggegevens) en de kwaliteit en concentratie van pollen en plantaardige macroresten (bladeren, zaden), is het mogelijk sluipende degradatieprocessen te kwantificeren. Met de regelmatige analyse van slijpplaten van specifieke bodemtrajecten (micromorfologisch onderzoek) en door wormentelling is de mate van bioturbatie vast te stellen. Alle genoemde factoren kunnen aanwijzingen opleveren over de fysieke conditie en aantasting van archeologische resten in de bodem. Meer weten? Voor meer informatie kunt u contact opnemen met een van onze regionale vestigingen of met het hoofdkantoor >>contactgegevens |
||||||||||||||