Subsidie voor innovatief archeologisch onderzoek naar diepgelegen prehistorische vindplaatsen
Het Innovatiefonds Nederlandse Archeologie heeft subsidie toegekend aan een nieuw archeologisch onderzoeksproject naar diepgelegen prehistorische vindplaatsen. Het project is getiteld: ‘De Diepte In! Waarderen van diepgelegen prehistorische vindplaatsen door multiproxy-analyses’ en wordt uitgevoerd door een breed consortium onder leiding van RAAP. Het onderzoek richt zich op een belangrijke uitdaging binnen de Nederlandse archeologie: hoe kunnen diep onder het maaiveld gelegen prehistorische vindplaatsen beter worden onderzocht, gewaardeerd en behouden?
Diepliggende sites
Zeer oude, prehistorische vindplaatsen bevinden zich soms wel zeven meter onder het maaiveld. Traditionele opgravingen zijn daar vaak niet haalbaar door praktische uitdagingen zoals grondwateroverlast en de grote diepte. Ondanks de diepe ligging worden deze locaties wel regelmatig geraakt of verstoord tijdens bouw- en infrastructuurwerkzaamheden.
Bij het onderzoek naar deze diepliggende sites zijn archeologen vaak aangewezen op booronderzoek. Dat levert waardevolle informatie op, maar kent ook beperkingen. Tegelijkertijd groeit de behoefte om archeologische resten zoveel mogelijk in situ te behouden, oftewel op hun oorspronkelijke plek in de bodem. Behoud in situ is vaak goedkoper en minder ingrijpend dan opgraven. Maar dan moet je wel weten wat je precies bewaart, hoe je dat het beste kunt doen en hoe je de waarde van zo’n vindplaats kunt uitleggen aan beleidsmakers, ontwikkelaars en het brede publiek.
Nieuwe methoden en combinaties
Het project wil daarom nieuwe manieren ontwikkelen om diepgelegen archeologische vindplaatsen beter te beoordelen. Onderzoekers gaan verschillende analysetechnieken toepassen op boorkernen die tijdens veldonderzoek worden verzameld. Door multiproxy-analyses te combineren – waaronder micromorfologie, archeobotanie, landschapsreconstructies en DNA-onderzoek – hopen ze veel meer informatie uit bestaande boorgegevens te halen.
Namens RAAP zullen Hans Leuvering en Axel Müller een breed team van specialisten aansturen, die onderzoek gaan doen naar bijvoorbeeld; houtskool, fossiele stuifmeelkorrels, zanden en vruchten, micromorfologie en sedaDNA.

Boorkernen die onderzocht gaan worden voor het project. Foto: RAAP
Twee jaar onderzoek
Het project ‘De Diepte In!’ heeft een looptijd van ongeveer twee jaar. De onderzoekers hopen dat hun aanpak niet alleen nieuwe kennis oplevert over prehistorische vindplaatsen, maar ook praktische handvatten biedt voor archeologen, overheden en erfgoedbeheerders die dagelijks beslissingen moeten nemen over het behoud van archeologisch erfgoed.
Onderzoeksteam
Het project wordt uitgevoerd onder leiding van RAAP. Naast RAAP en de Universiteit Leiden zijn onder meer Saxion, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), de Rijksuniversiteit Groningen, de Universiteit Utrecht, MAK Onderzoek en Advies, Missing Link en de gemeentes Gouda en Almere betrokken.
