Landschapsexperts
met waardevolle kennis voor de verbouwing van Nederland
Landschapsexperts
met waardevolle kennis voor de verbouwing van Nederland
Water en bodem sturend
2023 was het warmste en natste jaar ooit gemeten in Nederland. We hebben te maken met extremer weer, het water- en bodemsysteem loopt tegen grenzen aan, en verder is het puzzelen met de ruimte. Kortom, we staan voor nogal wat uitdagingen. Bij ruimtelijke keuzes is sinds 2022 ‘water en bodem sturend’. Dit is het officiële nieuwe uitgangspunt voor de zogenoemde Verbouwing van Nederland. Dat wil zeggen dat het bodem-watersysteem een beslissende rol speelt bij de ruimtelijke inrichting van ons land, zodat we beter bestand zijn tegen klimaatverandering. Het grondgebruik dient daarbij te volgen uit de geschiktheid van het landschap.
Landschap als basis
Onderzoek naar het landschap, naar de aard en totstandkoming ervan, nu en in het verleden, is voor veel archeologisch onderzoek de basis. Het is onderdeel van het archeologisch vooronderzoek en daar liggen ook de wortels van RAAP. Als je weet hoe het landschap in elkaar zit, kun je zelfs voorspellen of er archeologische resten in de bodem te verwachten zijn. Daar kom je achter door onderzoek te doen naar de geo(morfo)logie, de bodem, de waterhuishouding en de flora en fauna in het verleden. Deze factoren bepaalden wat het landschap de mensen te bieden had.
Tot zo’n duizend jaar geleden waren mensen grotendeels zelfvoorzienend en afhankelijk van het natuurlijke landschap. Water en de bodem waren toen nog letterlijk sturend. De jager-verzamelaars in de steentijd trokken mee met de dieren en leefden van wat er groeide. Na de intrede van de landbouw zetten mensen het landschap meer naar hun eigen hand, maar nog altijd bepaalden de vruchtbaarheid van de bodem en vegetatietypes waar ze akkers aanlegden. Was er wateroverlast? Dan paste men zich daar op aan.
Feitelijke kennis voor ruimtelijke opgave
De data die de landschapsexperts van RAAP verzamelen, geven inzicht in hoe het landschap er op verschillende momenten in de tijd uitzag en hoe mensen zich daarop aanpasten. Die feitelijke kennis is nodig bij de ruimtelijke opgave waar Nederland voor staat, zoals hoogleraar Ecologische landschapsgeschiedenis Bert Groenewoudt recentelijk benadrukte in zijn oratie. Bij RAAP is er veel ervaring op dit gebied en de meerwaarde van de landschapsexperts is dat ze gewend zijn integraal te werken. En daar komt het hierbij op aan: de onderlinge verbanden zien.
Praktische voordelen
Neem de wateropgave. Tegenwoordig is vrijwel heel Nederland ontgonnen, maar onder die geëgaliseerde bouwvoor bestaan duidelijke verschillen in hoog/droog en laag/nat. Door te beginnen met een gedegen landschappelijk onderzoek, kun je voorkomen dat vruchtbare hoge gronden worden afgegraven voor waterberging, of natte schrale gronden met veel moeite bouwrijp worden gemaakt voor woningbouw. Met gebruikmaking van de landschappelijke basis, zijn veel minder grondstromen nodig: dat drukt de realisatiekosten sterk en levert bovendien een bijdrage aan de CO2-reductie.
Ook niet onbelangrijk is dat hoge onderzoekskosten te voorkomen zijn. Wie wil bouwen op plekken die mensen in het verleden al uitkozen om te wonen, moet rekening houden met archeologisch onderzoek en bijbehorende kosten en tijd. Dat is vaak te vermijden door de plannen vroegtijdig op de landschappelijke basis aan te passen. En dat is in lijn met het uitgangspunt van het beleid voor archeologie: behoud op de plek. Afgezien van de genoemde voordelen voldoet een initiatiefnemer met deze aanpak aan de opgave van het Rijk om water en bodem een leidende rol te laten spelen.
Expertise en inzetbaarheid
RAAP draagt graag actief een steentje bij aan de verbouwing van Nederland door – naast archeologisch onderzoek – haar landschappelijke expertises aan te bieden. Als we die kennis inzetten aan de voorkant van het ruimtelijk traject, kunnen bodem en water werkelijk sturend worden.

Fysisch geograaf Reinier Ellenkamp
“De aardkundige basis vormt het substraat voor flora, fauna en de mens. Het inzicht in de bodemopbouw, de vorming daarvan en de condities waaronder dit gebeurde, zijn van groot belang om de wisselwerking tussen de biotische en abiotische systemen te begrijpen. In het vlakke Nederland gaan onder het maaiveld vaak grote verschillen schuil in landvormen, bodemgesteldheid en hydrologie. Die bepaalden in sterke mate de historische ecologie en geografie. Het spreekt voor zich dat een toekomst waarin water en bodem sturend zijn, niet zonder gedegen fysisch geografisch onderzoek kan. Dat maakt ons werk maatschappelijk gezien nog relevanter en daar zetten wij graag onze schouders onder.”

Historisch geograaf Luuk Keunen:
“In de historische geografie gaat het over het landschap in het verleden. Via historische bronnen kunnen we bijvoorbeeld de ouderdom van een nederzetting bepalen. Zo schetsen we al een eerste idee van een landschap in het verleden zonder een schop in de grond te zetten. Als historisch geografen kunnen we ook meer achtergrond geven over mensen van vlees en bloed. Die mensen gebruikten het landschap en lieten voorwerpen achter die archeologen terugvinden. Dat geeft een completer beeld van de vroegere situatie en verankert het in de geschiedenis van de maatschappij.”